- Details
- Categorie: Rechtspraak
- By Redactieteam-elfri.be
- Hits: 5
Wanneer mag een beklaagde eisen dat een belastende getuige op de zitting wordt gehoord?
Een beklaagde heeft in een strafproces het recht om zich te verdedigen tegen de verklaringen die tegen hem worden gebruikt. Dat betekent niet dat elke persoon die tijdens het onderzoek iets belastends heeft verklaard, altijd opnieuw op de zitting moet worden gehoord. Maar wanneer zo’n verklaring belangrijk is voor de veroordeling, moet de rechter zeer zorgvuldig nagaan of het eerlijk is om die verklaring te gebruiken zonder dat de beklaagde de persoon op de zitting heeft kunnen ondervragen of laten ondervragen.
Het Hof van Cassatie bevestigt in een hierna weergegeven arrest dat de rechter daarvoor drie vragen moet onderzoeken.
De drie vragen die de rechter moet stellen
Wanneer een beklaagde vraagt om een belastende getuige op de zitting te horen, moet de rechter nagaan:
1. Is er een ernstige reden om de getuige niet te horen?
Er moet een concrete reden zijn waarom de getuige niet op de zitting wordt gehoord. Een algemene verwijzing naar ongemak, stress of mogelijke emotionele schade volstaat niet altijd.
Bijvoorbeeld: in zedenzaken kan het opnieuw horen van een slachtoffer zwaar wegen. De rechter mag daarmee rekening houden. Maar hij moet dan wel concreet uitleggen waarom het in deze zaak problematisch is. Het volstaat niet te zeggen dat een slachtoffer “mogelijk” secundair slachtoffer zou kunnen worden of dat het verhoor “emotioneel moeilijk” kan zijn.
2. Is de verklaring het enige of doorslaggevende bewijs?
Hoe belangrijker de verklaring is, hoe sterker het recht van de beklaagde wordt om die persoon te kunnen ondervragen.
Wanneer de veroordeling vooral steunt op de verklaring van één slachtoffer of één getuige, moet de rechter bijzonder voorzichtig zijn. Als die verklaring het resultaat van de zaak kan bepalen, kan zij niet zomaar worden gebruikt zonder echte mogelijkheid tot tegenspraak.
3. Zijn er voldoende waarborgen ter compensatie?
Als de getuige niet wordt gehoord, moet worden nagegaan of er andere waarborgen zijn die het eerlijk proces toch beschermen.
Dat kan bijvoorbeeld zijn:
• de beklaagde kon de verklaring in detail betwisten;
• er zijn andere bewijselementen die de verklaring ondersteunen;
• de verdediging kon wijzen op tegenstrijdigheden;
• de getuige werd eerder al ondervraagd in omstandigheden waarbij de verdediging betrokken was;
• de rechter motiveert duidelijk waarom hij de verklaring toch betrouwbaar acht.
Slachtoffer en burgerlijke partij: geen gewone getuige, maar wel tegenspraak nodig
Een bijzonder punt in dit arrest is dat de belastende verklaring afkomstig kan zijn van een slachtoffer dat zich burgerlijke partij heeft gesteld.
Een burgerlijke partij is in beginsel een procespartij en geen gewone getuige onder eed. Toch betekent dit niet dat de beklaagde geen recht heeft op tegenspraak. De beklaagde kan vragen om met de burgerlijke partij op de zitting te worden geconfronteerd en om vragen te stellen of opmerkingen te maken over eerdere verklaringen.
Als de burgerlijke partij aanwezig is op de zitting en de verdediging de kans heeft om vragen te stellen, maar dat niet doet, kan dit zwaar doorwegen. In dat geval kan de rechter oordelen dat de rechten van verdediging voldoende werden gewaarborgd.
Wat besliste het Hof van Cassatie concreet?
In de zaak die aan het Hof werd voorgelegd, ging het om vervolging voor ernstige seksuele feiten. De beklaagde vroeg dat bepaalde personen die belastende verklaringen hadden afgelegd, op de zitting zouden worden gehoord.
Voor één van hen, die als burgerlijke partij aanwezig was op de zitting, oordeelde het Hof dat de beklaagde de kans had gehad om vragen te stellen of een confrontatie te vragen. Omdat dit niet was gebeurd, was de beslissing om deze persoon niet als getuige onder eed te horen aanvaardbaar.
Voor een andere persoon, S.D., lag dit anders. Het hof van beroep had geweigerd hem als getuige te horen omdat dit mogelijk emotionele schade of secundaire victimisatie kon veroorzaken. Het hof van beroep verwees ook naar de kwetsbare positie van deze persoon op het ogenblik van de feiten.
Het Hof van Cassatie vond die motivering onvoldoende. De rechter had niet concreet genoeg uitgelegd waarom er in deze specifieke zaak ernstige redenen waren om S.D. niet te horen. Een algemene of hypothetische verwijzing naar mogelijke emotionele schade volstaat niet. Daarom werd de beslissing op dat punt vernietigd.
LINKS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
RECHTS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
