- Details
- Categorie: Rechtspraak
- By Redactieteam-elfri.be
- Hits: 6
Ontslagbescherming preventieadviseur strikte procedure en strikte gronden
Een preventieadviseur geniet een bijzondere bescherming tegen ontslag. Die bescherming dient vooral om zijn onafhankelijkheid te waarborgen. De werkgever kan de overeenkomst niet zomaar beëindigen op basis van gewone kritiek op samenwerking, bereikbaarheid, houding of functioneren binnen de organisatie.
Wanneer de werkgever een preventieadviseur wil ontslaan, moet hij een strikte procedure volgen. De redenen van het voorgenomen ontslag moeten nauwkeurig worden meegedeeld aan de preventieadviseur en aan het bevoegde comité of adviescomité. Dat comité moet geldig samengesteld zijn en op rechtsgeldige wijze zijn voorafgaand akkoord geven.
De redenen voor het ontslag moeten bovendien passen binnen het wettelijk kader. Zij mogen geen afbreuk doen aan de onafhankelijkheid van de preventieadviseur en moeten, wanneer zij steunen op onbekwaamheid, werkelijk aantonen dat de preventieadviseur niet bekwaam is om zijn wettelijke opdrachten uit te oefenen.
Een vertrouwensbreuk, spanningen met een leidinggevende, organisatorische problemen of klachten over communicatie volstaan niet noodzakelijk. Zeker bij een preventieadviseur die werkt voor een externe dienst moet een onderscheid worden gemaakt tussen een mogelijke vervanging bij bepaalde klanten en het eigenlijke ontslag als preventieadviseur.
Wordt de procedure niet correct gevolgd of zijn de aangevoerde redenen onvoldoende, dan is de werkgever een beschermingsvergoeding verschuldigd.
Samenvatting van de casus in het hierna weergegeven vonnis
Een preventieadviseur-arbeidsarts was sinds 1 januari 2021 in dienst bij een externe dienst voor preventie en bescherming op het werk. Hij combineerde zijn werk met een opleiding arbeidsgeneeskunde. In de loop van 2023 ontstonden spanningen tussen hem en de werkgever. De werkgever verwees onder meer naar moeilijke bereikbaarheid, problemen in de samenwerking, onvoldoende feedback naar klanten, organisatorische moeilijkheden en klachten over gedrag.
De werkgever startte een ontslagprocedure op en vroeg het akkoord van het adviescomité. Dat adviescomité gaf volgens de werkgever zijn akkoord, waarna de arbeidsovereenkomst met onmiddellijke ingang werd beëindigd.
De arbeidsrechtbank stelde echter vast dat de procedure niet correct was verlopen. Er waren vragen over de geldige samenstelling en besluitvorming van het adviescomité. Er waren meer werkgeversvertegenwoordigers dan werknemersvertegenwoordigers aanwezig, terwijl niet voldoende bleek dat een bijkomende werknemersvertegenwoordiger geldig vertegenwoordigd was en akkoord had gegeven.
Daarnaast oordeelde de rechtbank dat de aangevoerde redenen vooral betrekking hadden op het functioneren binnen de organisatie en op een vertrouwenscrisis. Zij bewezen niet dat de preventieadviseur-arbeidsarts onbekwaam was om zijn wettelijke opdrachten uit te oefenen. Ook bleek niet dat de redenen het strenge wettelijke ontslagkader konden dragen.
De rechtbank verklaarde het ontslag daarom onregelmatig en onrechtmatig. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van een beschermingsvergoeding van 274.290,22 euro, vermeerderd met interesten. De gevraagde kapitalisatie van de interesten werd afgewezen.
- Wet houdende bijzondere ontslagregeling voor de personeelsafgevaardigden in de ondernemingsraden en in de comités voor veiligheid, gezondheid en verfraaiing van de werkplaatsen alsmede voor de kandidaat-personeelsafgevaardigden
- CAO 104 uitvoering werkgelegenheidsplan oudere werknemers in de onderneming
- Buitenlandse Arbeidskrachten Wet
LINKS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
RECHTS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
