- Details
- Categorie: Artikel
- By Redactieteam-elfri.be
- Hits: 5
Geschichten sind nicht die Geschichte
In een gerechtelijk dossier wemelt het van de Geschichten, verhalen, vertelsels, versies van wat zou zijn gebeurd.
Zij zijn daarom Geschichte, geen waarheid, laat staan vaststaande feiten.
Dat onderscheid is voor het bewijsrecht van groot belang. Een procedure is geen laboratorium van absolute waarheid, maar een gereglementeerde methode om, binnen een afgebakend debat, tot een beslissing te komen. Het recht zoekt niet de volledige waarheid zoals een historicus of onderzoeksjournalist dat zou doen. Het zoekt een beslissing die juridisch verantwoord is op basis van wat partijen aanbrengen, betwisten, erkennen of onbesproken laten. Juist daarin schuilt een spanningsveld dat vaak wordt onderschat.
Een rechter is geen historicus met onbeperkte onderzoeksruimte. Hij oordeelt binnen de grenzen van het voorgelegde dossier en van het debat tussen partijen. Dat is een essentieel verschil. De historicus mag blijven zoeken, bijkomende bronnen opsporen, hypothesen herzien en conclusies uitstellen. De rechter moet op een bepaald ogenblik beslissen. Hij moet rechtszekerheid bieden, ook wanneer de feiten niet volledig opklaarbaar zijn.
Daarom hanteert het recht eigen regels over bewijslast, bewijswaarde en de gevolgen van onzekerheid. Niet elk feit hoeft tot op de bodem te worden uitgezocht. Niet elke twijfel maakt een vordering onmogelijk. Evenmin moet elk feit positief waar blijken in metafysische zin. Het volstaat dat de rechter, binnen het toepasselijke juridische kader, oordeelt dat een feit voldoende is aangetoond of juist niet.
Dat brengt ons bij een cruciaal inzicht: de rechterlijke vaststelling van een feit is een normatieve beslissing over de juridische bruikbaarheid van het voorgelegde materiaal. Zij is niet noodzakelijk een definitief oordeel over wat er in de werkelijkheid “echt” is gebeurd. Het recht werkt met bewezen, onvoldoende bewezen, erkende of niet-betwiste feiten. Dat zijn juridische categorieën, geen filosofische waarheidslabels.
Een procesdossier bestaat zelden uit naakte feiten. Het bestaat uit stellingen, interpretaties, selecties en reconstructies. Partijen vertellen. Advocaten ordenen. Getuigen herinneren zich. Documenten lijken te spreken, maar doen dat nooit zonder context.
De rechter krijgt dus geen onmiddellijke toegang tot de werkelijkheid, maar tot menselijke bemiddelingen ervan. Dat is niet uitzonderlijk. Ook de historicus werkt met bronnen, fragmenten, belangen en lacunes. Historische kritiek en bewijsrecht raken elkaar precies op dat punt: beide disciplines moeten omgaan met materiaal dat niet samenvalt met de waarheid, maar slechts een spoor ervan kan bevatten.
- Model conclusie hoger beroep
- Model conclusie voor de appellant in hoger beroep
- Model conclusie voor de appellant in hoger beroep na tegenberoep van geïntimeerde
- Model conclusie conform art 744 Potpourri
- Model conclusie voor de appellant in hoger beroep met uitbreiding van eis of nieuwe eis voor het eerst in hoger beroep
- Model syntheseconclusie voor de appellant in hoger beroep
- Model conclusie namens verweerder met tegeneis
- Model conclusie
- Model syntheseconclusie namens verweerder met tegeneis
- Model conclusie tot het bekomen van betalingsgemak
- Model conclusie namens verweerder tot betwisting van de eis
- Model Potpourri syntheseconclusie voor de appellant in hoger beroep
LINKS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
RECHTS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
