- Details
- Categorie: Artikel
- By Redactieteam-elfri.be
- Hits: 5
Afbraak of vergoeding, natrekking en verrijking bij bouwen op onverdeelde grond
Wanneer één mede-eigenaar op eigen kosten bouwt op onverdeelde grond, rijst de vraag welke rechten en vergoedingen tegenover de andere mede-eigenaars gelden.
Een mede-eigenaar die alleen bouwt, handelt niet uitsluitend op zijn eigen aandeel, maar ook op dat van zijn deelgenoten.
Daarom kan hij in die verhouding worden beschouwd als een andere persoon dan de gezamenlijke grondeigenaars.
De andere mede-eigenaars kunnen in beginsel de afbraak of wegruiming van het gebouw vorderen.
Dat volgt uit het feit dat een eenzijdige bebouwing het gewone gebruiksrecht van de mede-eigenaar overschrijdt.
Wordt de constructie niet verwijderd en laten de andere mede-eigenaars het gebouw bestaan, dan behouden zij het voordeel ervan in de onverdeeldheid.
Dat behoud heeft financiële gevolgen.
De constructie valt wel door natrekking in de onverdeelde mede-eigendom, maar daarmee is de vergoedingsvraag niet opgelost.
Bij behoud van een zelfstandig gebouw kan de bouwende mede-eigenaar in beginsel aanspraak maken op vergoeding van de waarde van de materialen en het arbeidsloon.
De vergoeding wordt dan niet beperkt tot de loutere meerwaarde van het onroerend goed.
Precies daarin verschilt deze regeling van de kostenleer.
De kostenleer speelt vooral bij herstellingen, verbeteringen of niet-zelfstandige werken.
Daar wordt onderscheid gemaakt tussen noodzakelijke, nuttige en luxe-uitgaven.
Bij nuttige uitgaven wordt vaak enkel de meerwaarde vergoed.
Voor een zelfstandig bouwwerk op onverdeelde grond mag men niet zomaar naar die leer teruggrijpen.
De onderliggende gedachte is dat de andere mede-eigenaars door het behoud van het gebouw worden verrijkt.
Tegelijk verarmt de bouwende mede-eigenaar doordat hij de kosten van materialen en arbeid heeft gedragen.
De vergoedingsregeling wil vermijden dat die vermogensverschuiving zonder compensatie behouden blijft.
Ook onder het nieuwe recht blijft die benadering belangrijk, met nog meer nadruk op ongerechtvaardigde verrijking.
Samengevat: wie als mede-eigenaar bouwt op onverdeelde grond, stelt de anderen voor een keuze tussen afbraak en behoud, maar behoud brengt in beginsel een vergoedingsplicht mee.
Een mede-eigenaar die alleen bouwt, handelt niet uitsluitend op zijn eigen aandeel, maar ook op dat van zijn deelgenoten.
Daarom kan hij in die verhouding worden beschouwd als een andere persoon dan de gezamenlijke grondeigenaars.
De andere mede-eigenaars kunnen in beginsel de afbraak of wegruiming van het gebouw vorderen.
Dat volgt uit het feit dat een eenzijdige bebouwing het gewone gebruiksrecht van de mede-eigenaar overschrijdt.
Wordt de constructie niet verwijderd en laten de andere mede-eigenaars het gebouw bestaan, dan behouden zij het voordeel ervan in de onverdeeldheid.
Dat behoud heeft financiële gevolgen.
De constructie valt wel door natrekking in de onverdeelde mede-eigendom, maar daarmee is de vergoedingsvraag niet opgelost.
Bij behoud van een zelfstandig gebouw kan de bouwende mede-eigenaar in beginsel aanspraak maken op vergoeding van de waarde van de materialen en het arbeidsloon.
De vergoeding wordt dan niet beperkt tot de loutere meerwaarde van het onroerend goed.
Precies daarin verschilt deze regeling van de kostenleer.
De kostenleer speelt vooral bij herstellingen, verbeteringen of niet-zelfstandige werken.
Daar wordt onderscheid gemaakt tussen noodzakelijke, nuttige en luxe-uitgaven.
Bij nuttige uitgaven wordt vaak enkel de meerwaarde vergoed.
Voor een zelfstandig bouwwerk op onverdeelde grond mag men niet zomaar naar die leer teruggrijpen.
De onderliggende gedachte is dat de andere mede-eigenaars door het behoud van het gebouw worden verrijkt.
Tegelijk verarmt de bouwende mede-eigenaar doordat hij de kosten van materialen en arbeid heeft gedragen.
De vergoedingsregeling wil vermijden dat die vermogensverschuiving zonder compensatie behouden blijft.
Ook onder het nieuwe recht blijft die benadering belangrijk, met nog meer nadruk op ongerechtvaardigde verrijking.
Samengevat: wie als mede-eigenaar bouwt op onverdeelde grond, stelt de anderen voor een keuze tussen afbraak en behoud, maar behoud brengt in beginsel een vergoedingsplicht mee.
LINKS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
RECHTS
Dit is een voorbeeld van tekst die Elfri zelf beheert :)
Dit is WYSIWYG met uitgebreide mogelijkheden om de teks te formateren
